trainingen-workshops-leergangen Archive

0

Brandingcampagne in The Times: ‘branding met print is zo 1995′

AtMostHet is wat. Zoekende naar een vergroting in naamsbekendheid als internetbureau. Je statement willen maken voor een groot publiek(‘involve me and I understand’). Het lijkt er sterk op dat het aantal eyeballs quick te winnen valt op het internet. Waar blijft anno 2007 die meetbaarheid van print? Ik verklaar print niet als ‘gone’ maar een kritische zelfreflectie in de genoemde sector zou niet slecht zijn.

Gezonde crossmedia-mix 

 In een gezonde crossmediale mix van SEO (met vele top-posities als ‘bureau usability’, ‘bureau online marketing’ en ‘consultant online marketing’) aangevuld met de betaalde rechterkant in Google (SEA), lijkt print het een stuk minder te doen. Kom je uit de print-sector en de oude marketing-economie, dan is meetbaarheid, bereik en daadwerkelijk verkochte en opgeleverde oplage een wat vaag begrip.

Waste & flexibiliteit

Het gedeelte van de print-uitingen dat daadwerkelijk een erkenning kent van gereguleerde en bewezen oplages is laag. VNU/ Sanoma doet het hier trouwens erg goed. Qua bevindingen kan ik niet anders aansluiten dan bij de resultaten van het multi-channel onderzoek in ‘MarketingFacts’ juli 2007.  Het internet/ de website komt daar zeer goed uit.
Waarschijnlijk tellen termen als ‘waste’, ‘afgekaderde communities’,'meetbaarheid’ en ‘flexibele campagne-aanpassingen’ sterk mee bij de andere instrumenten dan print.Dat print in de multi-mix wegvalt is deels te wijten aan het niet doorzichtig maken van de magazines, suffertjes in getallen als keihard bereik, reacties en ‘crossmediaal effect’. Zolang je als adverteerder in de oudere media nog aan de bladmanager moet uitleggen wat de laatst aangehaalde term betekent, dan is het slecht gesteld met de uitgeprintten media-collega’s. Als ook nog eens steeds meer contactpersonen uit de print-media overstappen naar de interactieve media, dan is de trend gezet.


AtMost stopper en branding campagne zomer 2007 The Times ‘Involve me and I understand’.  Aangevuld met SEO, SEA, netwerk communities, blogs plus microsites.

2

Conversie vanuit Google? Het gaat om de ‘phrase’ niet het losse zoekwoord

google googleUit onderzoek van Websidestory en vooral van 360i.com in 2005 en 2006 plus een onderzoek onder 20 eigen sites van AtMost, blijkt overtuigend dat het gedaan is met het losse keyword.

Waren wij in de periode 1995-2000 nog veel bezig met de focus op 1 keyword (‘uitzendbureau’, ‘provider’,'sex’,'Pamela’) in de zoekmachines, als bedreven Googlers kunnen wij gericht en ontvankelijk voor conversie zoeken. Hetzelfde geldt voor de betaalde manier van zoekmachine-adverteren (SEA) aan de rechterkant van de zoekers. Verwoede pogingen worden er gedaan om met ‘hypotheek’, ‘verzekering’ of ‘lening’ hoog te staan. Daar waar de zoekers flexibel omgaan met samenstellingen waar de keywords in worden gebruikt, blijkt de focus op daadwerkelijk gebruikte samenstellingen van keywords jezelf ‘in te kopen’.  De losse keywords zijn veelal zeer kostbaar bij gebruik in Adwords.

Tevens kijkende naar een actuele short neck en long tail-discussie dan wordt de long tail-content (wat dieper in de site verborgen zit) beter gevonden met phrases dan losse keywords.

Het onderzoek van 360i.com over het gebruik van keywords in zoekmachines

Klik op de thumbnail van een van de sheets die ik gebruik phrases keywordsin de lessen conversie, online marketing analyse en de Leergang Internetmanager.  Daar is een screenshot van het onderzoek van 360i.com te vinden. In het onderzoek wordt een verband gelegd tussen de conversie-rate en de zoektermen die worden gebruikt. Wordt er gezocht met 1 keyword dan spreken we vooral van branding. Wordt de zoekquerie uitgebreid met meerdere termen (ook wel een phrase genoemd) dan neemt de conversie gestaag toe.

Concreet: De Conclusie en conversieverhogend voorbeeld

Wees dus vindbaar op de logische en concrete samenstelling van keywords. Zoek maar eens op ‘consultant online marketing’  in Google. Op ‘bureau usability’ kan ook.

1

10(tien) Werkende tips uit de workshop Zoekmachinemarketing/ Search Engine Marketing(SEM)

Workshop SEO Patrick PetersenAls docent SEO deze week een aantal topbedrijven(onder andere Reed Business, AGIS, DSW, Buitenhof, Being en ING) mogen bedienen met een workshop-training Zoekmachinemarketing/ Search Engine Marketing (SEM) in twee (2) dagen. 

In 2 (twee) dagen zijn we langs de SEM, SEO en SEA gegaan met vooral een praktische insteek dus veel tips hoe de sites hoog te krijgen. Google had de focus, snel gevolgd door MSN-Live, het kleine meisje met de grote ogen, Yahoo en Lycos.

Het Youtuben van de hele workshop-training was helaas niet mogelijk hier even op tekst te zetten,  10 (tien) tips op het gebied van Search Engine Optimization. Hierbij blijft het model van

indexatie + contentgewicht + popi zijn

van kracht:

1 Let op de kwaliteit van de inlinks en laat je alleen linken door topsites en portals met hoge ranking. Gebruik je Google Toolbar om die ranking te bekijken. Download hier de Google Toolbar.

2 Maak gebruik van vast terugkomende onderdelen van een pagina door middel van templates. Vermijd dooddoener frames (officieel zijn frames Javascript) , iFrames (is geen officiële XHTML volgens het W3C). Het gebruik van layers met overflow scroll-effect kent geen negatief effect

3 Schrijf een korte titel met hoge keyword-dichtheid, begin met het meest gezochte keyword (‘marketing) of de meest gezochte phrase(‘online marketing’)

4 Schrijf een korte META description met opnieuw een hoge keyword-dichtheid van zo’n 20-30 woorden

5 Maak gebruik van kopteksten die groter en vetter zijn gemaakt dan de leadtekst en bodytekst. De aloude H1 en H2 werken nog steeds goed

6 Vouw de overhead programmeercode op de homepage (meestal de index.html) inelkaar zodat de webspider zo snel mogelijk bij de te indexeren content kan komen. Javascripts, interne CSS-definities en andere codering invouwen of extern maken.

7 Strategische domeinnamen werken nog steeds. Indien wordt gezocht op ‘online marketeer’ dan zal een domeinnaam als onlinemarketeer.tv het beter doen dan www.patrickpetersen.nl

8 Zorg voor een variatie in paginatitels. Veel CMS-systemen kennen tegenwoordig de mogelijkheid de titel van het artikel of de eerste koptekst als titelvariant door te plaatsen in de title. Sommige CMS-systemen kennen echter ook een beperking en blijven star de naam van de organistatie boven elke webpagina doorplaatsen.

9 Let op de kwaliteit van de programmeercode. Zoekmachine indexeren nog altijd het liefst pagina’s die conform de W3C richtlijnen werken. Ook accessibility-richtlijnen als de ALT-tag zijn hier onderdeel van. Valideer je pagina’s gratis op W3c.org.

10 Veel opsommingen van tekstlinks werkt. Zorg voor korte lijsten waarin bijvoorbeeld headlines, voordelen, eigenschappen, tips en meer opsommingen staan die zijn gelinkt naar de achterliggende pagina’s.

Voorbeelden? Zoek eens op ‘bureau usability’, ‘docent zoekmachinemarketing’, ‘trainer search engine marketing’, ‘consultant online marketing’,'consultant online marketing’ of bekijk de andere SEO-artikelen op deze blog.

0

Usage centered design: het ‘hard maken’ van een interactief webontwerp

UsabilityInteraction design, usability, user of usage centered design is een uiting van een nieuwe visie.Webdesign, webontwerp geeft veelal een oude visie aan. In mijn lessen Usability spreek ik dan ook het liefst van een mix van Interaction design + Usability + Accessibility. Vooral het laatste element niet vergeten. Iets wat voor overheden veelal leiden is.

Het internet is van secundair naar primair, van light naar heavy van trend naar doorgroei, van doorgroei naar volwassenheidsfase gegaan. Het lijkt een normale marketing productlife-cyclus.

De druk neemt hierbij toe op online marketeers, webmasters en internetmanagers. De druk los van het feit dat het web allereerst een stuk stabieler is en daarmee betrouwbaarder dan 10 jaar geleden. Qua internetdruk ligt er een druk in het vraagstuk: – gebruik, – het online nog meer centraal stellen van de klant, – onderzoek & meetbaarheid, – het rendement in de vorm van: conversie.

Deze zakelijke aanpak van het web vraagt naast de nodige inhoudelijke kennis, moderne 2.0 visie en webervaring vooral om meer samenwerking tussen de specialisten. De marketeer zal vaker met een bak koffie bij de techneuten langs moeten gaan, techniek moet een pact sluiten met de interaction designers. Hierbij dienen de laatstgenoemden weer open te staan voor creatieve, enthousiaste online marketing, dan is er sprake van een internetoplossing ‘ die werkt ‘ .

0

MANAGER-2007-QUIZ: U bent manager en krijgt het middel internet in uw portfolio, wat nu? + TUTORIAL VIDEO

Stel u bent manager met communicatie en marketing ervaring. Deze ervaring huist zich vooral op offline gebied. U stuurt campagnes aan, u evalueert, u kent alle offline-uitingen van binnen en van buiten en u heeft aan halve briefing genoeg. Op een dag, ergens in 2007, krijgt u het communicatiemiddel ‘internet’ in uw portfolio. Het bestuur heeft besloten dat ‘ er op internet ingezet dient te worden ‘ . U bent gedelegeerd uitvoerende en krijgt het middel erbij in uw dagelijkse taken. Wat nu?

U bent een ervaren marketing- of communicatiemanager en zet reeds jaren traditioneel in. De termen multichannel, multi-level, crossmedia, upselling en cross-selling vliegen u om de oren.

Wat gaat u doen?

U heeft in deze quiz de volgende keuzes:

A. Doorschuiven in de organisatie naar meer facilitaire onderdelen. Het hoort niet echt thuis bij communicatie en marketing.

B. Razendsnel uw communicatiekennis updaten om veel (geïntegreerde) internetkennis op te doen.

C. U pakt het crossmediaal aan en gaat per direkt campagnes inzetten met gebruik van internet. U gebruikt internet als de lijm om kriskras uw organisatie met gecombineerde inzet van communicatie, marketing/ reclame online op de kaart te zetten. U heeft nog weinig ervaring maar gaat deze met de eerstvolgende campagne op doen.

D.U pakt uw biezen en vertrekt naar een traditionele organisatie waar het nog allemaal beheersbaar en te overzien is.

E.U plaatst internet ge-isoleerd binnen de afdeling bij een echte internetfreak. U heeft toevallig iemand op de afdeling die internet erg leuk vindt en thuis al met sites bezig is.

Mail uw antwoord naar: info@patrickpetersen.nl . Antwoord: medio augustus 2007.

Hierbij de eerste tutorial op het gebied van de online marketing mix: geld verdienen met het web.

YouTube voorvertoningsafbeelding
0

COLUMN: Web 2.0 + Lifestyle 2.0 = Piramide van Maslow 2.0 + VIDEO

maslov column online marketingHet internet is tot een vooraanstaand communicatiemiddel uitgegroeid. Onze basisbehoeften zijn daarbij in Nederland ruim bevredigd en de Nederlander verbetert de kwaliteit van zijn leven met gebruikmaking van virtuele middelen. Nederland kent daarbij een van de hoogste penetraties van ADSL ter wereld. We downloaden ons daarbij rot en kopen steeds meer via het web in een van de 16.000 webshops. Een gemiste uitzending.nl kijken we steeds vaker terug via het web op het moment dat het ons zint. Aangezien het volwassen communicatiemiddel internet bijna tot de primaire behoeften behoort, wordt het tijd de basispiramide van Maslow eens flink te restylen en te upgraden naar een 2.0.

De behoeftehiërarchie van Maslow 2.0
De piramide van Maslow –basiskennis voor de beginnende marketeer- kent een hiërarchie verandert in de tijd en naar status. Zo is de behoefte aan zelfontplooiing op latere leeftijd een stuk belangrijker dan de sociale behoefte die tieners bijvoorbeeld veelal kennen. De term hiërarchie en internet worden nauwelijks in een (1) zin genoemd. Toch kent de Maslow 2.0 Piramide welzeker een vorm van toenemende behoefte naarmate de leeftijd van het internet en de user toeneemt.

Twee relaties per behoeftelaag van Maslow

Bij de benoeming van de 5 behoeftelagen van Abraham H. Maslow ga ik uit van 2 relaties per laag:

1. de relatie met de ‘user’ of wel internetgebruiker;

2. The Internet Lifecycle(TIL): de voortgang van ontwikkeling van het web zoals het internet deze sinds begin jaren negentig heeft meegemaakt.

De piramide versie 2.0

1. We beginnen met de organische of lichamelijke behoeften van het medium. We hebben het hier enerzijds (TIL) over snelheid en beschikbaarheid van het web. De penetratie van ADSL en breedband heeft een versnellend effect gegeven op de sociale acceptatie van internet en de basisbehoefte van een heavy en groeiende internetgebruiker.

Deze ‘fysiologische behoeften’ houden verband met de vormen, kenmerken en verschijningen van het internet. De fysiologische basisbehoefte aan seks werd ook op het internet al snel bevredigd. Ook de behoefte aan comfort en het (online) bij elkaar zijn is met datingsites en simpele communities al snel bevredigd op het web. Ook de behoefte aan draadloos internet maakt deze laag binnen de TIL tot een vast fundament van de piramide.

2. Gaan we iets verder dan zien we een behoefte aan veiligheid en zekerheid. De individuele internetter gaat veiligheid zoeken in een georganiseerde kleine of grote groep. Daar waar latrelaties, echtscheidingen en seriemonogamie fysieke verschijnselen zijn, lijkt het internet hier goed op in te springen. Brede ‘real-life’ communities zoals Second Life en de communities als Hyves en LinkedIn lijken in dit gat te duiken.

3. Kijken we naar de volgende laag in de piramide en kijkende naar de behoefte aan sociaal contact, vriendschap, liefde en positief-sociale relaties dan kent ook hier het internet een relevant aanbod. Datingsites en sociale communities tillen zichzelf naar een hoger niveau en de toename van het egocentrisme en de vereenzaming van de moderne mens worden met vindingen als YouTube, blogs en datingsites gericht op ouderen virtueel opgelost. Sinds begin 2007 vormen de 50-plussers de snelste groeiende groep van internetgebruikers in Nederland.

4. Kijkende naar de behoefte aan waardering en erkenning die de competentie en het aanzien in groepsverband verhogen dan kennen we de virtuele marktplaatsen, de weblogs en de lifestyle gerichte webshops die hierbij groots aanwezig zijn.

5. De finale behoefte aan zelfontplooiing of het ‘up-to-date’ blijven is de constante behoefte om te leren. Zelfontplooiing is dat wat het internet beter, groter en van hogere kwaliteit maakt. Google die zijn zoekresultaten opschoont, de WIKIpedia die zijn artikelen opschoont en de nieuwssites die nog sneller en gerichter hun diensten aanbieden en de koppeling van toonaangevende blogs is de behoefte om zijn persoonlijkheid en zijn mentale groeimogelijkheden te ontwikkelen en te valoriseren.


Deze column is verschenen in The Times(In English) June 2007YouTube voorvertoningsafbeelding

Pagina 5 van 6« Meest recente...23456